Wat we kunnen leren van de commotie rond de rekentoets

Over de rekentoets is de afgelopen tijd een hoop gezegd en geschreven. Dat het gemiddelde rekenniveau van leerlingen te wensen over laat, moge duidelijk zijn. Maar de huidige opzet van de rekentoets lijkt niet de juiste manier om dit te verhelpen. Toch is er twee weken geleden besloten dat de rekentoets mee gaat tellen voor de slaag-/zak regeling binnen het voortgezet onderwijs. Zonder een voldoende krijg je geen diploma. Hierdoor weegt ‘het vak rekenen’ ineens zwaarder mee dan welk ander vak dan ook. Een onvoldoende voor Nederlands, Engels of Wiskunde kan gecompenseerd worden. Een onvoldoende voor de rekentoets niet. Dit is op zijn minst opmerkelijk te noemen. Er zijn dan ook een hoop tegenstanders van de rekentoets.

Zo is Jules Blokhuis een media-actie gestart tegen de rekentoets. Zijn zoon Clinge zit in de tweede klas van het vwo, presteert op de meeste vakken uitstekend en heeft dyscalculie. Met de rekentoets is het voor hem een utopie zijn vwo-diploma te behalen. Zijn vader concludeert terecht dat dit een verspilling van talent is. Medestanders kunnen zijn petitie tekenen.

Maar ook binnen de politiek is er kritiek. Huidig Tweede Kamerlid Paul van Meenen is namens D66 fel tegenstander. Zijn argumenten zijn dat de toets te talig is en te veel om de context draait. Ook mag er te vaak gebruik worden gemaakt van een rekenmachine en is de tijd waarin de toets gemaakt dient te worden kort. Hij zakte onlangs zelf (als voormalig docent wiskunde!) voor een verkorte versie van de rekentoets.

Maar laten we de kritiek eens breder bekijken. Is het andersom niet net zo goed waar dat een bèta talent beperkt kan worden doordat hij niet in staat is zowel Nederlands als Engels met een voldoende af te ronden? In dat geval is er ook geen diploma mogelijk. Er moet dus een manier gevonden worden waarin deze beperkingen niet meer gelden.

OurEducationSystemPassend onderwijs is de laatste tijd een populaire term. Hierbij worden leerlingen uitgedaagd hun mogelijkheden te benutten en wordt er tegelijk rekening gehouden met hun beperking(en). Dit is een uitstekend uitgangspunt! Maar de huidige inrichting van het middelbaar onderwijs sluit hier totaal niet bij aan. Ondanks dat het algemeen geaccepteerd is dat de ene leerling beter is in de bèta vakken en de ander in de talen, wordt een leerling voor alle vakken samen op een bepaald niveau ingedeeld. Een Wiskunde talent op de havo heeft geen mogelijkheid dit op vwo-niveau te volgen. Een gemiste kans. Tegelijkertijd zou het voor die leerling uitkomst kunnen bieden Engels op vmbo-niveau te volgen, omdat het hem bij dit vak nou eenmaal aan inzicht ontbreekt.

Het zou dus veel logischer zijn per vak het niveau van een leerling te bepalen. Hierdoor kun je de vakken waarin je goed bent op een hoger niveau volgen. De leerling ziet er op die manier meer uitdaging in en zal beter presteren. Tegelijkertijd kan het een hoop frustraties schelen als een lastiger vak op een lager niveau gevolgd kan worden. Op die manier kan er misschien net wel aangehaakt worden bij het tempo van het vak. In absolute zin kan een 7 of een 8 als beoordeling voor pak hem beet Nederlands op vmbo-niveau een stuk nuttiger zijn dan een 4 of een 5 voor datzelfde vak op havo-niveau.

Een universitair scheikundige zal tijdens zijn studie geen hinder ondervinden wanneer hij of zij het middelbare schoolvak Nederlands op havo-niveau heeft behaald. Tegelijkertijd zal een student Nederlands Recht weinig hinder ondervinden wanneer Engels of Wiskunde een niveau lager is afgerond.

Sterker nog. In bepaalde gevallen kan een stapje terug juist toegevoegde waarde hebben. Stel een vwo leerling wil Economie gaan studeren aan de universiteit, maar hij heeft moeite met Wiskunde B. In het huidige systeem wordt er dan vaak voor Wiskunde A gekozen. Dit vak richt zich meer op de statistiek en sluit minder goed aan bij een studie Economie dan het vak Wiskunde B. Het zou voor deze leerling dus juist een betere voorbereiding zijn om Wiskunde B te volgen op havo-niveau! Het is beter ‘een treetje terug’ te doen dan een ontwijkende keuze te maken.

Het wordt dus hoog tijd dat leerlingen de middelbare school verlaten met een algemeen diploma, waarop per vak het gevolgde niveau en het behaalde cijfer staat. Passend onderwijs hoort te leiden tot een passend diploma! De vervolgopleidingen zijn vervolgens heel goed in staat te bepalen wat de specifieke toelatingseisen zijn.

Dus dames en heren uit de politiek, vertrouw op de vakmensen. Het is tijd voor echt passend onderwijs!

18 Reacties

    1. Ha Thomas, het perfecte getal zes is een goed alternatief als rugnummer bij het zaalvoetbal, maar als er weer een nieuw tenue komt, ga ik uiteraard opnieuw een poging doen rugnummer π toe te eigenen.

  1. Interessant idee Gerben! Ik kan me voorstellen dat een meer dynamische indeling van niveaus op het voortgezet onderwijs een hoop onnodige zorgen en stress kan wegnemen bij zowel ouders als leerlingen. Bovendien zou het geen onwenselijke bijkomstigheid zijn als daarmee sociale scheidingen tussen niveaus (nog verder) vervagen onder scholieren.
    Er zijn wel, zoals je zelf ook weet, nog een hoop praktische vraagstukken die overweging verdienen. Welke criteria zou men moeten hanteren met betrekking tot het wisselen van niveau? Is het nodig om de toelatingseisen van het hoger onderwijs en het middelbaar beroepsonderwijs te herzien in het licht van dit systeem? Et cetera. Maar het is niet aan jou om dat allemaal in één blog post uit te werken, en de meeste uitdagingen zullen pas aan het licht komen als men daadwerkelijk met testen van dergelijke systemen aan de gang gaat. Persoonlijk denk ik wel dat de toekomst van het voortgezet onderwijs in de richting ligt die jij aanwijst, en jij zult die veranderingen zelf van dichtbij meemaken.

    1. Bedankt voor je uitgebreide inhoudelijke reactie, Martijn. Uiteraard zal het verder in detail uitgewerkt moeten worden, maar ik zie niet heel veel bezwaren.
      Interessante gedachte dat het vervagen van sociale scheiding tussen niveaus een positieve bijkomstigheid kan zijn. Ik ben het hier mee eens. Omgaan met mensen van ‘verschillende niveaus’ lijkt me iets positiefs en zeker ook iets waar je in een diverse samenleving baat bij hebt.
      De criteria voor het al dan niet wisselen van niveau voor een bepaald vak zou per geval bekeken moeten worden. Het is daarbij belangrijk dat leerling, leraar en ook de ouders goed in gesprek blijven.
      De toelatingseisen voor vervolgopleidingen zullen licht aangepast moeten worden. Vaak wordt nu een bepaald profiel op een bepaald niveau gevraagd. Deze niveaus zullen als algeheel diploma niet meer bestaan. Toelatingseisen voor een technische studie aan de universiteit kan dan bijvoorbeeld zijn: natuur-, schei- en wiskunde op vwo-niveau en Engels, Nederlands en biologie op havo niveau.

  2. Duidelijk geschreven en duidelijk wat jouw standpunt hierin. Hier ben ik het ook mee eens. Passend onderwijs is voor sommigen een ideale oplossing als ze goed zijn in het ene en slecht in het andere. Voor mij had dit heel erg kunnen helpen op de middelbare school.

    Aan de andere kant zit er ook een gevaar in. De niveau’s zijn er nog op globale schaal. Bij passend onderwijs zullen de grenzen tussen de niveau’s kleiner worden en misschien wel vervagen. Wat is het dan nog waard dat je bijv. VWO op de je diploma hebt staan, terwijl je sommigen vakken op HAVO hebt gedaan. Een oplossing hiervoor zou kunnen dat de huidige niveau’s verdwijnen en dat je dan niveau vakken krijgt. Dit zou dan alleen kunnen opgaan voor de bovenbouw, zodat je basis van alles goed is en duidelijk is wat sterke en wat zwakke kanten zijn. Maar hierdoor zouden dan de vervolgopleidingen ook weer moeten worden veranderen.

    Kortom, ik ben het er helemaal mee eens dat passend onderwijs een goede oplossing is, maar dat er nog wel haken en ogen aan zitten.

    1. Hallo Richard,

      In welk opzicht had dit jou kunnen helpen op de middelbare school?

      Waarom vind je het een nadeel als niveaus vervagen? Ik zie hier voornamelijk voordelen in. In de situatie die ik voor ogen heb, is het niet mogelijk om een vwo-dilploma of een havo-diloma te halen. Je krijgt een ‘middelbare school diploma’ en daarop staat per vak het niveau. Een havo-diploma zou dan hoogstens betekenen dat je ‘toevallig’ alle vakken op havo-niveau hebt gevolgd. Vervolgopleidingen hoeven hiervoor niet inhoudelijk te veranderen, maar de toelatingseisen zullen wel uitgebreider (en daardoor misschien ingewikkelder?) moeten worden. Vakkenniveau is inderdaad wat ik voor ogen heb.
      Kortom, ik denk dat aan elke grote verandering haken en ogen zitten, maar dat je er soms gewoon voor moet gaan en door schade en schande het systeem moet finetunen.

      In elk geval bedankt voor je inhoudelijk reactie!

      Groet,
      Gerben

  3. Beste Meneer Gerben,

    Mooi geschreven, duidelijk verhaal, goede afbeeldingen.
    Ik ben benieuwd naar de tegenargumenten van Emile en hoe deze discussie zich verder gaat ontwikkelen.

    Groet,

    SJ_Pama

    1. Hallo Sieger,

      Bedankt voor je reactie. Ik wacht zelf ook nog in spanning op Emile zijn kritische kanttekeningen. Op mijn Facebook zijn er net ook nog twee interessante, inhoudelijk reacties geplaatst.

      Groet,
      Gerben

  4. Wat mij betreft ook heel de basisvorming weg, ik wist vanaf dag 1 wat ik leuk vond en waar ik goed in was. Ik ging met zeer veel tegenzin naar de andere vakken en heb daar meer de boel verziekt voor de leraren en de rest dan dat ik er iets van heb opgestoken.

    Vervolgens ben ik uit pure frustratie van vwo naar havo gegaan ondanks dat het qua cijfers prima aankon. Ik was er gewoon klaar mee.

    Natuurlijk slecht een enkel geval maar een vrijer systeem zou ik erg aanmoedigen.

    1. Dat vind ik een erg mooi voorbeeld, Timothy. Er zijn inderdaad leerlingen die al heel vroeg voorkeur voor bepaalde vakken hebben. In jouw geval zou het inderdaad misschien beter zijn geweest de ‘overige’ vakken op havo-niveau te volgen en de rest op vwo-niveau te blijven volgen. Bijkomend voordeel is dat je dan juist misschien extra aandacht, energie en plezier in je favoriete vakken op het juiste niveau had kunnen stoppen.
      En eerlijk is eerlijk, je bent prima terechtgekomen met je vroege voorkeuren!

  5. Interessante materie! Vermoedelijk wel lastiger dan het lijkt.. hoe voorkom je dat scholieren en ouders voor de makkelijke weg kiezen en een kind dat bijvoorbeeld minder sterk is in Engels z.s.m switcht naar havo/vmbo niveau? Terwijl hij dit vak met de juiste begeleiding wellicht prima op het niveau van zijn klasgenoten kan doen? Je voorbeeld van Nederlands recht hierbij is wel érg specifiek, bijna elke andere academische studie vereist Engels op VWO niveau..

    1. Dank voor je inhoudelijk kritisch commentaar, Reinout.
      Allereerst dank voor je spelfout, had ik compleet overheen gelezen, erg slordig inderdaad. Ik heb het aangepast!
      Je punt over te snel switchen naar een lager niveau is terecht en legt de plek mogelijk op de zere plek. In de huidige situatie heb je uiteraard ook mensen die een te laag niveau volgen uit gemakzucht. In de door mij geschetste situatie wordt het enerzijds makkelijker om een bepaald vak een niveau lager te volgen. Anderzijds staat daar misschien wel tegenover dat een bepaald vak lager volgen kan voorkomen dat de gehele opleiding op een lager niveau wordt gevolgd. Maar het is belangrijk leerlingen te blijven stimuleren en uitdagen.
      Ik had er inderdaad niet bij stilgestaan dat het voorbeeld over Nederlands Recht wel erg specifiek en daardoor uitzonderlijk is. Neemt het algemene punt dat sommige vakken voor sommige opleidingen van minder belang zijn niet weg.
      Maar leuk dat je je inhoudelijk is de discussie mengt!

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: